Speel de muziek af!

 BIOGRAFIE VAN NICOLAAS HOLWERDA

ALIAS PAUL RODA

Tweede plaats bij het Beste Reclame liedje ooit!

voor het merk Caballero


 

 

 

 

PAUL RODA was het pseudoniem van Nicolaas Holwerda, waaronder deze vele liedjes schreef voor ondermeer de Ramblers, Max van Praag, Tante Leen, Annie de Reuver, Eddy Christiani en de Mounties.
Vooral het lied "Kijk eens in de poppetjes van mijn ogen" is niet weg te denken uit het Nederlandse repertoire.

 

 

Nicolaas Holwerda in 1938

 

    

BIOGRAFIE

Nicolaas Holwerda werd geboren op 21 april 1918 te Amsterdam als zoon van Lieuwe Holwerda en Johanna Kuilman, die beiden uit Groningen kwamen.

Nicolaas, later Nick genoemd, volgde de HBS en ging daarna werken op het Adviesbureau voor Prop. en reclame van zijn oom Jan. Dit bureau was gevestigd op de Stadhouderskade nummer 146. Dit bureau Holwerda won nog een prijs met de door Nick bedachte slogan:

'De nacht wordt een feest
op een bed van de Tijdgeest' 

Later werkte hij met Alberda Jelgersma op de reclame-afdeling van Gist-Brocades (waar hij als een der eerste reclame maakt voor maandverband ("Moeder en dochter begrijpen elkaar") en daarna werd hij Reclame-chef bij Laurens b.v. Dit bedrijf werd vooral bekend met de productie van de sigaretten Caballero en Golden Fiction. Caballero was toen HET merk in Nederland, hetgeen mede kwam door de filmpjes en campagnes die Nick bedacht.

Er was ook een wielerploeg van Caballero ! (met foto's )

 

Zo werd het lied Ay ay ay die Caballero een heel bekend liedje in de uitvoering van het Leedy trio. Het werd zelfs op de tribunes bij het voetballen luidkeels meegezongen, iets wat in deze tijd niet meer mogelijk zou zijn in verband met de ban op sport in combinatie met roken.

Het lied werd in 2009 gekozen tot een van de beste reclameliedjes ooit, het belandde op de tweede plaats!

  

 

   TONEEL

JUSTUS VAN MAURIK

Reeds bij Gist-Brocades was Nick echter al zeer actief bij de personeelsvereniging, die veel aan toneel deed. Hier kreeg hij de smaak zo te pakken dat hij auditie deed bij de toneelvereniging die vernoemd was naar de in 1904 overleden Justus van Maurik. De uitvoeringen waren gewoonlijk in het Krasnapolsky en hadden veel succes.

 

 

ONDER VRIENDEN

Maar Nick wilde meer en werd regisseur bij de kleine toneelverening Onder Vrienden, die repeteerde in een wasserette aan de Gerard Doustraat. Hiermee trad hij op in Bellevue en er stond een lovende recensies in Het Parool.

Andere spelers bij Onder Vrienden waren Henk Stuurman, Jos Knipscheer (op foto rechts met Nick links), Thea Wolff, Netty Röper, Jan van Diepen en Koen Seekstra. 

 

Stukken die o.a. gespeeld werden:


- Een goede buur

- Boeven en Madeliefjes

- Claudia

- Je weet, je weet wat ik niet weet

 

  

 

 Nick had ook twee jaar lang een eigen cabaretgezelschap 'Regenboog-prentenboek' en regisseerde revue- en cabaretprogramma's voor toneel, radio en televisie.  

 

MUZIEK

Inmiddels had hij echter ook al succes in de muziek gekregen. Hij was met zijn toenmalige vriendin Marian in Loosdrecht, waar De Ramblers optraden. Daar kwam hij in gesprek met Theo Uden Masman over het tanende succes van de Ramblers. Er was een concurrentiestrijd gaande met de Skymasters en hun liedjes verkochten beter op dat moment.
"Oh" blufte Nick, "als je wilt, kan ik zo een hit voor je schrijven, dat is geen enkel probleem."
"Ga vooral je gang" zei Masman sceptisch. Maar Nick hield woord en schreef "De Ramblers gaan naar Artis" en de Ramblers voerden het uit en namen het op.

 
Wimpie, Wimpie Wimpie, wat is dat nu voor een beest,
Dat moet je ons vertellen, want je bent hier meer geweest.
Dat is een aardig diertje en zijn naam is olifant
Maar waarom heeft dat gekke dier een staart aan elke kant
Die voorste staart dat is zijn neus,
Waarempel Wimpie, is het heus?
Dan is het toch echt niet mis
Als dat dier een keer verkouden is!

 Speel de muziek af!

 Het werd inderdaad een hit. Van Uden Masman kreeg Nick 25 gulden, waar hij heel blij mee was totdat hij hoorde dat hij zijn liedjes beter kon laten registreren bij de Buma/Stemra.
Het volgende lied dat hij schreef was 'Marian', waarbij hij de naam van zijn vriendin gebruikte. Het lied ging over een meisje dat niet wilde trouwen en er kwam nog een stukje Gronings in voor, waarbij Nick zijn afkomst niet verloochende.
Een derde hit was 'De Ramblers gaan uit vissen'.
Maar nu zijn naam gemaakt was, kwamen ook andere artiesten om liedjes vragen. Een greep uit de artiestennamen: Eddy Christiani, Max van Praag, de Skymasters en Annie de Reuver (zie ook beneden).


Ook schreef hij "Tulpen van jou" dat in 1951 een Europese prijs kreeg, waardoor het lied in diverse talen bekend werd. Het was een van de

Tulpen van jou,
Rood wit en geel
Donzig van dauw
Zacht als fluweel

Een grote zomerhit was Tonia, dat een van de tophits uit 1952 werd .

 

POPPETJES IN MIJN OGEN

Het was de tijd van de Big Bands was, die de liedjes voornamelijk op radio uitvoerden. Maar tenslotte werd dit lied ook door Annie de Reuver opgenomen, die een grote hit had gehad met 'Kijk eens in de poppetjes van mijn ogen.'

Kijk eens in de poppetjes van mijn ogen
Kijk eens naar het kuiltje in mijn kin
Zeg doe nou niet zo flauw
En lach nu maar eens gauw
Heus, je kijkt zo nijdig als een spin!

 Het lied werd een evergreen en zorgde er zelfs voor dat de uitdrukking 'poppetjes in mijn ogen' uiteindelijk in de Van Dale werd opgenomen.
Ook 'Onze Taal' wijdde een stukje aan deze uitdrukking:

" Pop in de betekenis `pupil' komen we tegen in het Woordenboek der Nederlandsche taal: 'spiegelbeeld in de pupil van het menschelijk oog.' Het Bargoens Woordenboek vermeldt poppetjes in dezelfde betekenis: 'oogpupillen, AB-slang. Wegens het eigen spiegelbeeld aldaar te zien, zoals ook het Latijn al wist: pupilla=poppetje.' De verbinding tussen poppetje en pupil bestaat dus al zeer lang."


"Kijk eens in de poppetjes van mijn ogen vinden we in zijn geheel terug in de laatste (twaalfde) druk van Van Dale: `gezegd als men wil dat iem. hem in de ogen kijkt', maar de herkomst wordt niet verklaard. Als we in eerdere drukken van Van Dale kijken, worden we ook niets wijzer: in de elfde druk (1984) staat alleen 'de poppetjes van de ogen' en in de achtste druk (1961) helemaal niets. Het is goed mogelijk dat de uitdrukking door de schrijver van het liedje is bedacht; wij kunnen u er helaas geen zekerheid over geven."

Nick Holwerda schreef overigens van de meeste van zijn liedjes de tekst en de muziek zelf (op een paar vertalingen na.) Helaas voor hem kon hij geen noot muziek op papier krijgen en via de Buma/Stemra was hij in contact gekomen met Tom Erich (1911-1978). Erich had in die dagen een vast programma op de radio, waarin zijn Avro-leans optraden. De omroep laat zich wel raden. Deze Erich schreef de melodie van Nicks liedjes op en verdiende er zo een aardig centje bij, want nu was hij ineens de officiële componist. Het was misschien, zeker achteraf bezien, een wat onrechtvaardige regeling, maar een alternatief was niet voorhanden. Wel nam Erich Nick en zijn vrouw geregeld mee uit eten in een heel duur restaurant om zo de boel enigszins recht te trekken. Dan plaagde hij dat hij eigenlijk door hén getrakteerd werd.

In 1959 werd er bij de Flora een gratis plaatje uitgedeeld aan buitenlandse bezoekers, het nummer heette "Twee paar klompen" en was door Nick geschreven.

Songfestival

In 1960 stuurde Nick Holwerda een liedje in voor het nationale songfestival en het werd uitgekozen om vertolkt te worden door de al wat oudere Tonny van Hulst. Het lied had een internationale uitstraling en wat in latere jaren heel gewoon zou worden, maar toen nog totaal nieuw was, Nick had er buitenlandse woorden in verwerkt en was daarmee zijn tijd ver vooruit. Iedereen dacht dat Addio zou gaan winnen.


Addio addio, mio dolce amore
addio addio, tutti lasse dolores
In mijn hart staat geschreven
de dag van mijn leven
toen ik jou in mijn armen nam,
en de sterren daar boven
die schenen te doven
het licht dat in jouw ogen kwam

Het lied scoorde inderdaad enorm goed bij de jury. De grote concurrent was 'Wat een geluk' van de piepjonge Rudi Carell, die als kind nog op Nicks schoot had gezeten, omdat hij diens vader André goed kende. Iedereen weet nu wie het nationale songfestival won, maar de zaal wist het pas in de laatste seconde, zo spannend was de jurering. Het was vooral in het begin een nek-aan-nek race en Addio werd uiteindelijk tweede.

Uitvoerende

Marcel Thielemans

Betty Luske

Greetje Kauffeld

Herman Emmink

Karel v. d. Velden

Annie Palmen

Jaap Dubbelboer

Wim van der Beek

Joop Smits

Jan van der Most

Rita Huyskens

Tonny van Hulst

Piet Sybrandi

Jany Bron

John de Mol

Rudi Carell

Liedje

Caroussel

Addio

Niet voor mij

In mijn hart

Regenkapje

Wat een geluk

Vanavond

Ik leef

Vanavond

In mijn hart

Regenkapje

Addio

Niet voor mij

Ik leef

Caroussel

Wat een geluk

Tekstschrijver

John de Mol

Nick Holwerda

Pieter Goemans

Jan Hartman

Henk v d Molen

Willy van Hemert

Jaap Dubbelboer

Ger Luchtenburg

Jaap Dubbelboer

Joop Portengen

Rinus van Galen

Nick Holwerda

Pieter Goemans

Ger Luchtenburg

John de Mol

Willy van Hemert

Componist

Koos Huisman

Louis Noiret

Pieter Goemans

Joop Portengen

Rinus van Galen

Dick Schallies

Henk van Dijk

Ger v. Leeuwen

Henk van Dijk

Jan Hartman

Henk v d Molen

Louis Noiret

Pieter Goemans

Ger v Leeuwen

Koos Huisman

Dick Schallies

Positie

4

2

3

5

7

1

8

6

8

5

7

2

3

6

4

1

 

De uitslag


Teleurgesteld zat Nick na afloop in de foyer van de zaal en toen stapte Rudi Carell daar trots binnen met een grote tas, waar tot ieders grote verbazing plaatjes van het winnende liedje in zaten. Prompt werd er in de wandelgangen gefluisterd dat dit geen zuivere koffie was, want in die tijd was een plaatje persen erg duur en dat werd niet gedaan voordat je zeker wist dat het verkopen zou. Was het doorgestoken kaart? Het was de zoveelste rel in de songfestival geschiedenis.

Louis Noiret (1896-1968) was een goede vriend van Nick. Op een gegeven moment zat de man financieel aan de grond, hetgeen met elf kinderen niet bepaald een florissante situatie was. Nu had Noiret een heleboel bekende Jordaan-liedjes geschreven. Nick opperde de mogelijkheid om die liedjes weer in de picture te brengen. Zou een Jordaan-festival niets zijn?
Het idee sloeg aan. Het bleek achteraf de aanzet geweest te zijn tot het eerste Jordaan-festival. Johnny Jordaan kreeg weer succes en ook Louis Noiret kon tevreden zijn. Nick zelf schreef vervolgens ook wat Jordaan-liedjes, maar grote successen zaten daar niet bij.

Nick was inmiddels een bekend man in Amsterdam. Als hij met zijn vrouw naar een cowboyfilm ging, werd hij herkend. In de bioscoop werd er vroeger in de pauze piano gespeeld en Bernard Drukker deed dit ook, naast zijn werk als vaste organist voor de AVRO. Als hij Nick zag, greep hij snel andere bladmuziek en klonk er Poppetjes of Tonia door de bioscoop, waarbij het publiek spontaan mee ging zingen.
De muziek van Poppetjes was inmiddels ook frequent aan de Amsterdamse grachten te horen! Ook gingen ze soms mee op de schnabbeltoer van de artiesten die zijn liedjes zongen. Nick had zelf nog geen auto en reed dan bijvoorbeeld mee met Tom Erich, van Max van Praag had zijn auto al vol, met vrouw Sarie en de kinderen Marga en Chiel achterin. Na afloop werd er vaak in de kroeg afgesproken.

Behalve liedjes schrijven verdiende Nick ook geld met het vertalen van buitenlandse teksten. Het was de tijd van de bladmuziek, die goed verkocht werden aan de fans. Hierop stond de muziek, de oorspronkelijke tekst en de Nederlandse versie. Vreemd genoeg was het zo geregeld dat als de plaat goed verkocht, de schrijver van de Nederlandse tekst hiervan ook betaald werd, allemaal dankzij de bladmuziek.
Nick schreef vertalingen voor chansons van Charles Trenet maar ook voor het bekende 'Crying in the chapel' dat een hit was van Elvis Presley (en veel later nog van Don McLean). Jaren later, bij de dood van Presley, kwamen er nog aardige bedragen binnen dankzij die vertaling. Een vreemd systeem.

Via zijn vrouw had Nick inmiddels Gerrit Den Braber leren kennen, die toen nog op kantoor zat en daarnaast bij de Rotterdamse Radiovereniging werkte. Hem leek het wel leuk om ook liedjes te gaan schrijven en nu hoorde hij dat hij eerst examen moest doen bij de BUMA, voordat hij werk zou kunnen doen als vertaler. Gerrit deed een poging, slaagde en schreef eerst liedjes voor een kinderkoor en later meer volwassen repertoire, waarbij zijn vertaling 'Roosje, mijn roosje' een grote hit werd.

Volgens een artikel in het Vrije Volk over Nick Holwerda hebben ook Wim Sonneveld en de destijds zeer bekende Peter Pech een liedje van hem M'n ouwe trouwe makkers gezongen, een lied dat over een paar oude schoenen ging. In het theaterinstituut is daar geen bewijs van teruggevonden, maar hij kan het uiteraard ooit op de radio gezongen hebben.

De laatste jaren van zijn leven schreef Nick Holwerda soms nog wel liedjes, maar hij wijdde zich steeds meer aan zijn carrière in de reclame.
Hij stierf in 1979 en liet vier kinderen na.

Sommige liedjes zoals Poppetjes zijn nog altijd bekend en worden nog regelmatig gezongen: zelfs door bijvoorbeeld Robert Long, Paul de Leeuw en zelfs door Herman Brood.

 


Klik hier voor:
TEKSTEN

Bij vragen of opmerkingen over deze site,
of als u belangstelling heeft voor de door hem geschreven liedjes:
kunt u reageren

Email naar: Paul Roda

 


 

DE BEKENDSTE LIEDJES

 

 

Henk de Bruin
- Want eens zal de dag toch komen

Chico's
- Als de avondstilte valt in Texas 1951

Eddy Christiani
- Als de avondstilte valt in Texas 1951
- Wil jij een beetje van me houden 1954
- Morgen neem ik een bloemetje voor je mee 1960

Rita Corita
- O la la Alexander

Tonny van Hulst
- Ieder uur van de dag 1953
- Addio 1953

De Mounties
- Een eskimo in Mexico 1951 Speel de muziek af!

 Louis Noiret
- Addio 1960
- Ieder uur van de dag 1960

Onbekend
- De vondeling

Onbekend
- Zomaar een zondagmorgen

Peter Pech
- Mijn oude trouwe makkers 1948

Max van Praag
- Je moet niet huilen 1951
- Ik wou 1953

Ramblers
- De Ramblers gaan naar Artis 1948
- Marian 1948
- De Ramblers gaan uit vissen 1949

Annie de Reuver
- Kijk eens in de poppetjes van mijn ogen 1951 (met Skymasters)
- Tulpen van jou 1952
- Foei, wat heb je weer een baard 1952
- Zeg, wil jij misschien eens naar mijn hartje luisteren 1954
- Voor jou pluk ik de sterren 1958
- Bittere tranen

Bob Scholten
- Kijk eens in de poppetjes van mijn ogen
- Morgen moet ik naar je pa

Skymasters
- Kon ik jou maar vergeten 1953

Tante Leen
- Waarom wil je niets meer van me weten 1953

Karel van der Velden en de Skymasters
- Oh oh het spijt me zo 1953
- Tonia Tonia 1953

Klik hier voor: TEKSTEN

 

Bij vragen of opmerkingen over deze site,
of als u belangstelling heeft voor de door hem geschreven liedjes:
kunt u hieronder reageren:

 E-mail naar: Paul Roda