MEER OVER LEIDEN
(maart 05)
De naam
De stad Leiden ligt op het punt waar twee armen van de Rijn, de Mare en de Vliet, samenkomen. In de middeleeuwen verkreeg Leiden stadsrechten en het oudste document daarover dateert uit 1266. Daarin breidt Floris V deze stadsrechten uit.
Maar de oudste nederzettingen dateren al uit de Romeinse tijd, de Rijn was de noordgrens van hun gebied en daarom bouwden zij nederzettingen zoals Albanianis (Alphen aan den Rijn), Matilo (Roomburg) en Pretorium Agrippine (Valkenburg).
Maar ook Lugdunum. Dit lag ten westen van Valkenburg, en dus niet op de plaats waar Leiden ligt. Toch wordt deze stad vaak aangeduid als Lugdunum Batavorum.
Waarschijnlijk heeft Leiden deze naam geannexeerd in de zestiende eeuw, toen vele documenten in het Latijn werden opgesteld en voor plaatsnamen Latijnse varianten werden bedacht.
De naam van Leiden zelf is gemakkelijker te verklaren, Lede of Leijthon is een oude benaming voor een waterstroom.
In 1083 wordt de naam Leijthen voor het eerste gebruikt, in 1200 is dit veranderd in Leijden.

Het wapen
Toen in 1121 de graven van Holland een kapel lieten bouten op de plek van de latere Pieterskerk, wijdde de Utrechtse bisschop Godebald deze aan apostel Petrus, de bewaker van de hemelpoort. Zijn symbool van de twee gekruiste sleutels siert sindsdien het Leidse stadswapen.
Dit wapen veranderde in de loop der tijd. Soms hield een leeuw de sleutels vast, soms twee leeuwen. Na de tweede wereldoorlog hief de leeuw een zwaard, omdat dit strijdbaarder was. Het wapen van Leiden bestaat momenteel uit een leeuw met twee sleutels.

De meest voorkomende namen
Begin 2004 hadden 118.745 inwoners van Leiden bij elkaar bijna 27.000 achternamen. De meest voorkomende naam was Van den Berg met 534 vermeldingen. Daarna kwam De Jong met 509 en Van Leeuwen met 504 vermeldingen.
De naam 'Van Leeuwen' heeft overigens weinig te maken met het dier zelf, maar komen van het oude woord 'lee' of 'leeuw' dat 'grafheuvel' betekent.
De verdere top tien bestaan uit Jansen, Smit, Bakker, Van Dijk, De Vries, Schouten en Visser.
Overigens zou de naam Jansen net als in de rest van Nederland op nummer een staan, als de naam Janssen bij Jansen opgeteld zou worden!
(bron: L.Dagblad)
Straten
Leiden is een van de weinige steden die een straat vernoemd heeft naar twee hoeren, namelijk de gezusters Groenhazen. Zij woonden en werkten dichtbij de Doelenkazerne en kregen zo 'hun' gracht naar zich vernoemd.
Burgraven van Leiden
1083 - 1108 Alewijn
1143 - 1156 Alwinus Castellanus
1167 Elinand Castellanus
1202- 1241 Jacob
1251 - 1253, Christina, dochter van Jacob. Zij huwt met Dirk van Cuijck.
1266 - 1319 Hendrik van Cuijck
1319 - 1339 Dirk van Cuijck
1339 - 1348 Philips van Wassenaar
1348 - 1392 Dirk van Wassenaar, had geen wettig nageslacht
1392 - 1428 Philips van Wassenaar, een neef van Dirk van Wassenaar
1428 - 1447 Hendrik van Wassenaar
1447 - 1451 Jacob van Wassenaar
1451 - 1496 Jan I van Wassenaar
1496 - 1523 Jan II van Wassenaar. Zijn dochter Maria huwde Jacques, de eerste graaf van Ligne
1523 - 1544 Maria van Wassenaar
1544 - 1552 Jacques de Ligne
1552 - 1583 Philippe de Ligne
1583 - 1624 Lamoral de Ligne
1624 - 1641 Albert Henri de Ligne
1641 - 1651 Claude Lamoral de Ligne, totdat de stad het burgraafschap aankoopt.
De burggraaf benoemde tot 1420 de schout en de schepenen van de stad.
Burgemeesters:
1651 - 1664 Jan Pietersz van der Maersche
1664 - 1681 Hermans Jansz Schuijl
1681 - 1711 Daniel Simons van Alphen
1711 - 1736 Pieter van Leijden
1736 - 1746 Gerard Amelis van Hoogeveen
1746 - 1759 Pieter Gijs
1759 - 1763 Nicolaas Danielsz van de Velde
1763 - 1764 Diederik van Leijden
1765 - 1788 Pieter Cornelis van Leijden
1788 - 1794 Diederik van Leijden
1851 - 1858 Albert Otto Ernst van Limburg Stirum
1858 - 1866 Daniel Siegenbeek (geboren te Leiden)
1866 - 1880 Willem Cornelis van den Brandeler
1880 - 1894 Louis de Laat de Kanter
1894 - 1903 Francois Was
1903 - 1909 Nicolaas de Ridder
1910 - 1927 Nicolaas Charles de Gijselaar
1927 - 1941 Adriaan van de Sande Bakhuyzen
1941 - 1945 RN van Ruijter Steveninck
1946 - 1964 Francois Henri van Kinschot
1946 - 1964 FH van Kinschot
1965 - 1971 Gerrit Cornelis van der Willigen
1971 - 1980 Adriaan Jan Vis
1980 - 1999 Cornelis Hieronymus Goekoop
1999 - 2002 Jan Klaas Tjipke Postma
2002 - 2003 Wolter Lemstra
2003 - Henri Johan Jozef Lenferink
TERUG