REINBERT MARTIJN
werd opgeleid aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag,
De aankondiging voor de auditie was door zijn moeder uit de krant geknipt.
Reinbert was net wegens verregaande luiheid van de Havo gestuurd en besloot
zijn jeugdliefde Mathilde, die ook op ballet zat, achterna te gaan. Hij had
weliswaar nooit gedanst, maar wel geturnd, dus fysiek kon hij de opleiding wel
aan. Op de sportacademie was hij afgewezen bij gebrek aan inzet, dat werd bij
ballet gelukkig anders. En zijn onervarenheid bleek ook een voordeel, nu had
hij bij het amateur-ballet tenminste geen foute techniek geleerd.
Zijn auditie in 1980 werd op de televisie uitgezonden door
een programma dat jong talent volgde. Hij werd aangenomen, maar ook het Scapino
en het NDT wilde hem hebben. De laatste had zijn voorkeur, als Hagenees, maar
ze konden hem geen plaats in de grote groep garanderen. Daarom ging hij naar
Amsterdam.
De overgang was groot, op school was
hij een van de besten geweest, nu was hij opeens weer een nul, die weggevloekt
werd als hij voor de neus van de eerste solist stond. Maar zijn aanzien steeg
al snel.
Toer van Schayk gaf hem zijn eerste grote rol in Chiaro-Scuro. Daarna
zag Rudi van Dantzig de hoofdpersoon
voor zich voor vele balletten, waarin Reinbert met zijn lange felblonde haren
de verpersoonlijking van de Onschuld mocht spelen. Onder mijn voeten was
een succes, al konden niet al zijn collega-dansers dit accepteren van de jongen
van negentien jaar die als beginneling in belangrijke producties stond. Hij was
de enige van de verblinde mensheid die zich door engel Clint Farha liet redden. Het was het begin van
een goede vriendschap tussen Clint, net vader geworden, en Reinbert. Later
zouden ze samen als hobby nog fietsen verbouwen in een garage.
Hans van Manen gaf hem de kans om zijn mogelijkheden
te vergroten, omdat deze het zonde vond dat Reinbert de voor de hand liggende
rol van Onschuld moest spelen. Hij gaf hem een rol in Corps, dat gelijk
met Onder mijne voeten uitgevoerd werd. Het probleem was geschapen, Van
Dantzig wilde lang engelenhaar, Van Manen een kort kapsel. Het compromis werd
halflang haar, waarbij Van Manen in de pauze de pot gel tevoorschijn haalde.
In 1986 kreeg Reinbert de aanmoedigingssprijs voor zijn
spectaculaire rol van Nar in Assepoester.
Een jaar later werd hij tweede solist (foto onder). Maar zijn
droom om ooit een prins te dansen (toch een soort statussymbool) ging in rook
op, hij was immers met zijn 1, 74 meter aan de kleine kant. Dus bleef het bij
jongensrollen, die hem ook heel goed afgingen.
Ook de hoofdrol in
Petroesjka (foto links) was een hoogtepunt in zijn carrière.
Andere hoogtepunten waren Masse, Le tombeau de
Couperin, Room at the top, In Tegendeel, Niemandsland, Op het scherp van
de snede en Aartsengelen slachten den hemel rood.
Niemandsland werd ook in Parijs
uitgevoerd bij Nureyev. Samen met Clint
Farha ging hij daar kijken naar de andere uitvoering. Bij die gelegenheid
mochten ze bij Nureyev logeren.
Reinbert: "Op school was hij God voor ons. Een paar
jaar later zat ik ineens naast God op de bank."
Een tijdlang voelde hij zich erg geborgen bij het NB, waar
alle huischoreografen werk voor hem hadden. Hij beschouwde hen als een soort
vaders die precies wisten wat ze met hem wilden en konden doen. En vice versa.
Wel vond hij het jammer dat hij zo vaak in de rol van de Onschuld gecast werd,
waardoor hij te weinig uitgedaagd werd.
Met de komst van Wayne Eagling
werd ook voor hem alles anders. In 1993 deden geen van zijn 'vaders' een ballet
voor het NB. Eagling zei dat er 'maybe' een rol voor hem zou zijn en Reinbert
had er genoeg van. Hij ging op zangles en jazzballet en deed na 98
verschillende rollen in twaalf jaar auditie voor de musical CATS.
Ook die auditie werd heel toevallig weer gevolgd door het
televisieprogramma van weleer, dat wilde weten wat er met de jonge talenten was
gebeurd. En opnieuw had Reinbert succes, hij werd aangenomen bij de musical.
Reinbert was getrouwd met Madelon en heeft een dochter
Rachel.
Bronnen: Volkskrant, Viva